
Digitale infrastructuur wordt voor bedrijven, overheden en de bredere economie steeds belangrijker.
AI, cloud, connectiviteit, cybersecurity, compliance, energie, duurzaamheid en digitale soevereiniteit staan niet langer los van elkaar. Ze komen samen in één centrale vraag: welke infrastructuur heeft Europa nodig om digitale diensten betrouwbaar, veilig en toekomstgericht te laten werken?
Die vraag stond ook centraal tijdens LevelX 2026, waar Datacenter United als Silver Partner deelnam aan het gesprek over de toekomst van de Belgische digitale infrastructuur.
Tijdens het programma nam onze CEO, Friso Haringsma, deel aan het gesprek Belgium as Tier-2 market: Strategic Position and Digital Sovereignty. De kern van het debat: hoe kan België zijn positie binnen het Europese digitale-infrastructuur- en cloudlandschap versterken, en welke rol speelt digitale soevereiniteit daarin?
Voor Datacenter United is het antwoord genuanceerd, maar helder: België hoeft niet de grootste markt te zijn om strategisch relevant te zijn.
Tier-2 betekent niet tweederangs
België wordt in de Europese markt voor digitale infrastructuur vaak gezien als een Tier-2 markt. Die aanduiding zegt iets over schaal, maar niet per se over strategische waarde.
De Belgische markt zal niet concurreren met hyperscale hubs op basis van pure capaciteit of volume. Maar digitale infrastructuur wordt niet alleen beoordeeld op omvang. Voor veel organisaties zijn andere factoren minstens zo belangrijk: nabijheid tot gebruikers en markten, lage latency, betrouwbare connectiviteit, lokale expertise, compliance en de mogelijkheid om infrastructuurkeuzes gericht af te stemmen op specifieke workloads.
Daar ligt een duidelijke kans voor België.
Door de centrale ligging in Europa, de nabijheid van belangrijke digitale knooppunten en het dense connectivity-ecosysteem is België goed gepositioneerd voor hybride, edge- en enterprise-gedreven use cases. Zeker voor organisaties waar controle, performantie, continuïteit en compliance centraal staan, kan lokale infrastructuur een strategische rol spelen.
De vraag is dus niet alleen hoe groot België is als markt, maar vooral welke rol het kan opnemen binnen het bredere Europese ecosysteem.
Datacenters faciliteren de digitale economie
Een belangrijk inzicht uit het panelgesprek is dat datacenters niet los gezien kunnen worden van de digitale economie die ze ondersteunen.
Datacenters zijn geen einddoel op zich. Ze faciliteren de digitale diensten die bedrijven, overheden en consumenten elke dag gebruiken: cloudapplicaties, streaming, AI-toepassingen, e-commerce, digitale administraties, financiële platformen, cybersecuritysystemen en kritieke bedrijfsprocessen.
De groeiende vraag naar digitale infrastructuur ontstaat dus niet in een vacuüm. Ze wordt gedreven door de manier waarop eindgebruikers digitale diensten gebruiken en verwachten dat die diensten altijd beschikbaar, snel en betrouwbaar zijn.
Dat maakt de discussie rond energie en capaciteit complexer. Datacenters gebruiken energie, maar ze doen dat om een digitale economie mogelijk te maken die door de volledige samenleving wordt gebruikt. De uitdaging ligt dus niet in het afremmen van digitale infrastructuur, maar in het zorgen dat die infrastructuur efficiënt, transparant en toekomstgericht kan groeien.
Digitale soevereiniteit vraagt doordachte infrastructuurkeuzes
Digitale soevereiniteit wordt vaak herleid tot de vraag waar data staat. In de praktijk gaat het verder dan dat.
Het draait ook om controle, afhankelijkheden, jurisdictie, auditability, vendor lock-in en de mogelijkheid om workloads te verplaatsen wanneer de context verandert. In een hybride realiteit vraagt digitale soevereiniteit niet om één vaste infrastructuurkeuze, maar om bewuste keuzes per workload.
Voor gereguleerde sectoren, overheden, financiële instellingen, zorgorganisaties en bedrijven met kritieke digitale processen wordt die afweging steeds concreter. Welke workloads kunnen in de public cloud draaien? Welke toepassingen vragen meer lokale controle? En waar zijn compliance, latency, auditability of data governance doorslaggevend?
België kan daarin een rol spelen als betrouwbare lokale infrastructuurlaag binnen een breder Europees ecosysteem. Niet als alternatief voor internationale cloud- of technologieplatformen, maar als aanvullende basis voor hybride en soevereine infrastructuurstrategieën.
Voor Datacenter United is dat een belangrijk vertrekpunt: digitale infrastructuur moet organisaties ondersteunen bij bewuste keuzes rond controle, beschikbaarheid, compliance en schaalbaarheid.
Ambitie moet ook uitvoerbaar zijn
Een sterkere positie voor België vraagt meer dan ambitie alleen.
De groei van digitale infrastructuur hangt af van praktische randvoorwaarden: toegang tot energie, voldoende netcapaciteit, voorspelbare vergunningsprocedures, duidelijke beleidskaders en een investeringsklimaat dat langetermijnbeslissingen mogelijk maakt.
Tijdens het panel werd duidelijk dat net die randvoorwaarden bepalend zijn voor de concurrentiekracht van verschillende Europese markten. Markten zoals Portugal en Frankrijk worden vandaag gezien als aantrekkelijker voor nieuwe digitale-infrastructuurprojecten omdat er meer capaciteit beschikbaar is, de overheid sterker ondersteunt en datacenters er vaker een positiever publiek imago krijgen.
Voor België ligt daar een duidelijke uitdaging. Als er onvoldoende stroomcapaciteit beschikbaar is of als procedures te traag en onvoorspelbaar zijn, dreigt de markt investeringen mis te lopen. De vergelijking met Nederland werd daarbij ook gemaakt: wanneer capaciteit en beleidsruimte te beperkt worden, kan de groei van digitale infrastructuur sterk afgeremd worden.
Als België een grotere rol wil spelen in Europese digitale soevereiniteit, moet de kloof tussen beleidsambitie en uitvoering op het terrein kleiner worden. Digitale infrastructuur vraagt investeringen met een lange horizon. Daarvoor zijn voorspelbaarheid, samenwerking en duidelijke signalen van overheid, gereguleerde sectoren en het bredere ecosysteem essentieel.
Ook de overheid speelt hierin een belangrijke rol. Niet alleen als regelgever, maar ook als mogelijke ankergebruiker die met een heldere vraag en consistente kaders richting kan geven aan de markt.
Wanneer overheid en gereguleerde sectoren duidelijke vraag tonen, groeit ook het vertrouwen om verder te investeren in het ecosysteem.
De rol van samenwerking en sectorvertegenwoordiging
De toekomst van digitale infrastructuur in België is geen opdracht voor één speler alleen. Ze vraagt samenwerking tussen datacenteroperatoren, energiepartners, beleidsmakers, gereguleerde sectoren, technologiebedrijven, cloudspelers, connectivityproviders en eindgebruikers.
Daarin speelt ook sectorvertegenwoordiging een belangrijke rol. Organisaties zoals de Belgian Digital Infrastructure Association (BDIA) kunnen helpen om het belang van digitale infrastructuur duidelijker op de agenda te zetten en om beleidsmakers mee te krijgen in de noodzakelijke randvoorwaarden voor groei.
Want als digitale infrastructuur een strategische basis is voor economie, overheid en samenleving, dan moet ze ook zo behandeld worden: als een essentieel onderdeel van de toekomstbestendige digitale ruggengraat van België.
Transparantie over energiegebruik en efficiëntie wordt daarbij steeds belangrijker in de manier waarop digitale infrastructuur wordt beoordeeld. De sector moet niet alleen capaciteit bouwen, maar ook duidelijk maken welke rol ze speelt, welke efficiëntiewinsten mogelijk zijn en hoe ze bijdraagt aan een veerkrachtige digitale economie.
De meerwaarde zit in specialisatie
België hoeft geen kopie te worden van grotere hyperscale markten. Juist in specialisatie ligt de echte meerwaarde.
Sovereign workloads, hybride infrastructuur, edge-toepassingen, enterprise-omgevingen en gereguleerde workloads vragen om infrastructuur die niet alleen schaalbaar is, maar ook dichtbij, betrouwbaar, verbonden en beheersbaar.
Voor datacenters betekent dit dat hun rol verandert. Ze zijn niet langer alleen een plek waar IT-infrastructuur wordt gehost, maar een schakel in bredere keuzes rond compliance, continuïteit, digitale veerkracht en strategische autonomie.
Die ontwikkeling sluit aan bij hoe Datacenter United naar de markt kijkt: infrastructuur als fundament voor kritieke en toekomstgerichte digitale diensten.
Van Tier-2 naar strategische positie
LevelX bracht de belangrijkste spelers uit het Belgische digitale-infrastructuurlandschap samen. Het event maakte duidelijk dat de toekomst van de Belgische digitale markt niet alleen draait om schaal, maar ook om positionering, samenwerking, uitvoerbaarheid en specialisatie.
Voor Datacenter United is één uitgangspunt duidelijk: België kan een relevante rol spelen in de Europese digitale infrastructuur.
Die rol zit niet alleen in volume, maar in kwaliteit, nabijheid, connectiviteit, lokale controle en specialisatie. In een markt waarin AI, compliance, energie, cybersecurity en digitale soevereiniteit steeds meer samenkomen, wordt dat alleen maar belangrijker.
Als Belgische datacenteroperator wil Datacenter United mee bouwen aan een digitale ruggengraat die betrouwbaar, verbonden, veerkrachtig en toekomstgericht is.
België is misschien een Tier-2 markt in schaal. Strategisch kan het wel een belangrijke schakel zijn in de Europese digitale infrastructuur.




